Brussel - het kleine maar bekende manneke

Een beeld van Manneke Pis - het meest geliefde ventje van Brussel

uit Wikipedia:

Manneken Pis (in het Frans soms le Petit Julien) is een standbeeldje in het centrum van Brussel en stelt een plassend jongetje voor. Het 58 cm grote ventje op een sokkel is geplaatst aan de hoek van de Stoofstraat en de Eikstraat, niet ver van de Grote Markt.

Je zal het maar durven..
midden in de stad Brussel ..
helemaal in je blootje ..
of met omhooggehouden hemdje ..
zomaar een plasje doen ..

één plasje?
Nee, elke dag opnieuw van ’s morgens tot ’s avonds ..
de toeristen lokken ..
gewapend met fototoestel en camera ..
om dat klein knaapje op beeld te zetten.

 

Jullie kennen hem toch? 'Het' beroemde manneke van Brussel.

Iedere Brusselaar, allochtoon of autochtoon weet het beeldje staan. Maar het manneke staat niet alleen in zijn hoekje van de Stoofstraat en de Eikstraat. Nee, je vindt het duizendvoudig terug in de winkels aan de overkant. Je ziet het in alle vormen, met kleding en zonder.
Het staat zelfs op verpakkingen ven koekjes en snoep. Het is gespoten op muren van de stad. Je vindt het op internet, in de krant en zelfs in andere continenten is het bekend.
Als je eens wist op hoeveel foto’s het getoond wordt in andere Europese landen, in China, Japan, Vietnam, Amerika en Afrika.

En toch is het een Brussels kind!
Het is de Brusselse ket bij uitstek!

Wikipedia:
Ketje of ket is een Brussels woord voor kind of jongen, meer specifiek een straatjongen. Bij uitbreiding is "Brussels ketje" een bijnaam voor een echte Brusselaar, iemand die net als zijn beide ouders geboren en getogen is in Brussel.

Men noemt hem de oudste burger van de stad alhoewel hij al eeuwen lang een kleuter is en dat nog eeuwen zal blijven. Het manneke heeft al zoveel doorstaan : oorlogen, bezetting, roof, een barbaars bombardement – het heeft zonder blikken of blozen lief en leed gedeeld met zijn stad en bewoners.

Een beetje geschiedenis

De eerste documenten die vermelden dat er ergens in Brussel, op de hoek van de stoofstraat en de Eikestraat, een manneke pist komen uit de 15de eeuw. Sinds 1450 staat er op die plek een beeld van een kind dat pist. Het beeldje was niet van steen of brons, zoals nu. Het was ook niet helemaal bloot zoals nu, maar het droeg een hemdje dat het met de knuistjes omhoog hield, tot boven zijn navel. Het Museum van de Stad Brussel (in het Broodhuis) bezit er één tekening van.

In de 14de eeuw heeft de stad Brussel 3 ondergrondse leidingen laten aanleggen om de fonteinen in de stad te voeden. Vele vrouwen trokken naar de fonteinen met kruiken en emmers om hun gezin te bevoorraden. De fonteinen waren monumentaal want men wilde met de prachtige afwerking, indruk maken op de Hertogen van Brabant. Zulke fonteinen bevonden zich meestal niet ver van stadspoorten en marktpleinen. Het grootste aantal vond je in de buurt van het stadhuis en een fonteinmeester had toezicht erover.

Men hoeft de wet van de zwaartekracht niet te kennen om te weten dat water altijd het laagste punt zoekt. De heuvels in Brussel zijn steil. Van bovenstad tot benedenstad daal je over een afstand van één kilometer zowat vijftig meter.
Het stadhuis en de Grote Markt vormden de kern van de benedenstad. Een steenworp van de Grote Markt vinden we wat we zoeken : op de hoek van de Stoofstraat en de Eikstraat.

Een manneke pist

Op 'die' plaats bevond zich een aftappunt voor drinkwater. Die openbare fontein was versierd met een stenen beeld, een jongetje voorstellend dat pist. Er waren en zijn nog veel fonteinen, in Brussel en elders, versierd met beelden. Dat is hun roem en glorie  en ze lokken toeristen.
Ik denk aan de Fontana di Trevi in Rome of de spaarzaam zwevende fontein aan de voeten van het Erosbeeldje op Piccadilly Cicus (Londen).

Het plassende knaapje was dus algemeen bekend en het werd aangewend als symbool waarvoor uiteenlopende duiding mogelijk was : regengod, vruchtbaarheidssymbool of alchemisch geheim en er waren zeker ook christelijke verwijzingen.
Zoals bv. dat het geen jongetje is dat plast, maar een volwassen man – en zo werd er niemand minder als Jezus Christus in gezien.
Manneke Pis kon dus veel meer zijn dan hij vandaag lijkt – een blote koter die onbekommerd zijn kleine boodschap doet.

In 1619 geeft Brussel aan de gerenommeerde beeldhouwer Hiëronymus Dusquesnoy de opdracht  een nieuw beeldje te leveren voor de fontein in de Stoofstraat.
Het lijkt dus geen twijfel dat het Brusselse beeldje in brons ‘jonger’ is dan het beeldje in Geraardsbergen (later meer hierover). Dusquesnoy goot een magnifiek bronzen beeldje, niet groot – iets meer dan een halve meter.

Het bronzen kind houdt de rechterhand op de rechterbil, het buigt even door de knieën, het licht zijn hieltjes even van de grond, nauwelijks merkbaar, het bovenlijfjes is lichtjes achterovergebogen. Het kind houdt zijn plassertje in zijn linkerhand. Het is dus blijkbaar linkshandig.

Of .. werd dat vroeger misschien zo aangeleerd?  Mocht je niet plassen met je ‘mooie’ handje?

Het hoofdje is iets naar links gericht en een beetje naar beneden. Wellicht wist de beeldhouwer dat zijn meesterstuk op een hoog voetstuk zou staan.
Het moest niet alleen plassen, het moest ook neerkijken op de voorbijgangers.

Tijdens de vele bombardementen die Brussel doorstond werd duidelijk hoe verknocht de bevolking al in de 17de eeuw was aan Manneke Pis. De Brusselaars brachten het elke beeldje elke keer naar een veilige plaats. Ze hechten het grootste belang aan ‘hun’ manneke – niemand mocht het schenden!

In 1747 hadden soldaten van het Franse garnizoen, dat gelegerd was in Brussel, het een leuk idee gevonden om Manneke Pis van zijn voetstuk te halen.
Lodewijk VX, die toevallig in Brussel verbleef, kon nog net een volksopstand voorkomen door zijn soldaten voorbeeldige straffen op te leggen, het beeldje terug te plaatsen waar het hoorde, het een gala-uniform in brokaat en gouddraad te schenken en het te verheffen in de ‘Orde van de heilige Lodewijk’.
De Franse koning had de ziel van de Brusselaar tot op de bodem doorgrond – officieren die door de stoofstraat liepen, hadden de vernederende plicht voor Manneke Pis te salueren.

In 1817 werd het nog eens gestolen, maar de dader werd gevat. Het beeldje was bij zijn beentjes afgebroken maar al in december van hetzelfde jaar stond het weer op de vertrouwde plaats.
In de nacht van 16 – 17 januari 1963 hebben Antwerpse studenten het beeldje geroofd. De jongens hadden een nobel doel. Ze haalden zo’n 2000 euro op ten bate van gehandicapten. Deze roof haalde de wereldpers.

De 4de roof, in 1965, was zeker de brutaalste. De vandalen braken het beeldje in tweeën – alleen enkels en voeten bleven staan.
De ‘Compagnie des bronzes heeft toen een nieuw afgietsel gemaakt die als twee druppels water op het oudste beeldje lijkt.
De politie slaagde er niet in de daders te vinden. Maar het verloren beeldje werd een jaar later terug gevonden in de vaart. Het staat nu in het Broodhuis, museum van Brussel.

 

Manneke Pis en de economie

Het manneke is niet oud genoeg om te lezen, het kan nog niet schrijven of rekenen. Het hoeft zich niet te verdiepen in econometrie, astrologie of andere vormen van studie.
Zonder de minste intellectuele inspanning maar met een “eenvoudige lul” brengt hij de middenstandszaken en de stad Brussel tot grote bloei.

Er is geen winkel waar manneke Pis ‘niet’ staat – in alle vormen: mannekes die geen piemeltje hebben maar in plaats daarvan een vervaarlijke spiraal van een kurkentrekker.

Er staan mannetjes op bierglazen, bierviltjes, borrelglazen, asbakken, aanstekers, tassen, theepot, kapstok, T-shirts, schorten of theedoeken, peper- en zoutvaatjes, petten, vingerhoeden, spaarvarkens, sleutelhanger, balpennen enz....

En voor wie trek heeft: er zijn eetbare mannekes, van melkchocolade, witte of pure chocolade, mannekes als lolly’s en zoveel meer….
En heb je thuis een tuin met vijver? Je kan een plassend manneke kopen en plaatsen als fontein!

 

 

Vlaams of Frans?

Bloot of niet bloot, brons of geen brons , de naam is door de eeuwen heen gebleven : “Manneke Pis”. Ik zie je al denken : waarom geen Franse benaming?
Wel Brussel was tot in 1850 vrijwel uitsluitend Nederlandstalig!
Nu spreekt de meerderheid van de Brusselaars frans – Brussel is een toren van Babel geworden.
Maar het “manneke” trekt zich daar niets van aan. Hij pist op alle Brusselse en buitenlandse hoofden, welke taal ze ook spreken, welk geloof of ongeloof ze ook koesteren. Hij heeft alles gezien en verbaast zich over niets, want hij was er al toen de oudsten onder ons er nog niet waren! Hij is bloot, klein, vrijpostig, kwistig, zwierig en houdt alle Brusselaars en toeristen in de ban met zijn parmantige plas!

 

Manneke Pis en zijn kostuums

De ‘orde der vrienden’ van manneke Pis is een eerbiedwaardige genootschap dat al meer dan een halve eeuw het beeldje met zorgen omringt. De orde telt ongeveer 130 leden.

Zij beslissen over de kostuums : er komen een 50-tal aanvragen binnen per jaar. Ze weren alle pakken die alleen dienen voor reclame. Een kostuum moet culturele, historische of folkloristische waarde hebben.

Telkens het manneke een nieuw kostuum krijgt, gaat dit gepaard met een ceremonie. Ambassadeurs lopen af en aan, vertegenwoordigers van de Europese unie komen opdagen, het lied weergalmt en het bier bloeit rijkelijk.

Tot 1945 kon Manneke Pis zijn kleerkast nog overzien, maar daarna is de zaak geëxplodeerd.

Hij zou nu 800 – 850 kostuums hebben!
In het museum kan iedereen de kostuums van het manneke gaan bekijken.

Er zijn historische kostuums:
- een kostuum in Beiers Blauw van Maximiliaan van Beieren
- het pakje van Lodewijk XV , (vanwege de eerder vermelde roof)
- éen van de burgerwacht uit 1830
- een 18de eeuwse tenue de procession

maar hij is ook soms gekleed als :

- judoka
- de Engelse John Bull
- een torero
- een madharadja
- een Japanse krijger
- Elvis Presley
- Mozart
- Stripfiguur Obeslisk of Robbedoes
- Brusselse straatveger
- Brussels ‘ketje’
- Nelson Mandela, compleet met grijze krulletjespruik
- een Poolse huzaar met glanzende helm
- met een Russisch kosmonautenpak
- met een legeruniform

Manneke Pis plaste ook al eens champagne - bij het krijgen van zijn nieuw kostuum, een "knalrood waterskipakje". in 2009 haalden de Belgen twee wereldtitels binnen. uit het piemelke spuit een krachtige straal, horizontaal en wel 2 à 3 meter ver!

En Manneke Pis heeft ook al eens melk geplast - voor de "Werelddag van de melkbrigade" (foto links)

Manneke Pis prijkt al sinds 1516 in Brussel. Het beeldje mag dan wel 400 jaar oud zijn, toch vloeit er al veel langer water op de hoek van de Stoof en de Eikstraat. Al in 1452 werd er melding gemaakt van een fontein op die plaats, maar die kreeg 400 jaar geleden dus zijn bekende vorm. Het overleefde zowel het vernietigende bombardement van Brussel van 1695, als twee ontvoeringspogingen door Franse en Engelse soldaten in de 18de eeuw. In 1817 moest het beeldje opnieuw aan elkaar gesmeed worden nadat een dief ermee aan de haal was gegaan die het beeldje wou verkopen als schroot. In 1965 moest het dan weer uit het kanaal gevist worden. Toen was Manneken Pis maandenlang vermist.

 

De afgelopen 400 jaar waren dus zeker woelig voor het ketje. De stad haalde maandag dan ook taart en kaarsen boven om de verjaardag te vieren. Uit de rijke kostuumcollectie van Manneken Pis werd dan weer een smoking opgediept. “We wilden iets speciaals doen omdat hij zo speciaal is voor onze stad”, zegt schepen van Cultuur Delphine Houba (PS). “Hij trekt zoveel mensen naar Brussel. Je hebt hier vandaag Brusselaars, schoolkinderen uit Bergen en toeristen uit China. Dat vat het mooi samen.”

 

Als afsluitertje van een beroemd kereltje

- Het manneke is dapper.
- Hij is klein en bloot.
- Hij pist tegen de hele, boze wereld.
- Hij doet dat reeds sinds eeuwen.
- Je krijgt er hem niet onder, vergeefse moeite
- Hij staat in het hart van de hoofdstad van het koninkrijk
- Hij laat zijn waterstraal neerkomen op de hele natie, maar vooral op de hoofdstad zelf
- Hij is in permanent overtreding, maar je kan er niet boos om zijn.

Maak jouw eigen website met JouwWeb